Tegenstelling (niveau 2)

Keuzelijst-oefening

Kies de juiste tegenstelling uit de lijst.
aanwezig
achternaam
actief
andere
bang
bijzonder
bol
bot
dapper
dorp
dronken
eenvoudig
even
expres
gierig
gisteren
glad
glanzend
haat
hand
helder
hemel
honger
horizontaal
houden van
inkomsten
interessant
kapot
kind
kopie
lengte
leuk
los
lui
modern
mondeling
neef
netjes
noord
onderkant
oorlog
openbaar
optimist
ouders
overwinning
plus
praten
precies
raak
recht
rond
samen
sterk
stout
strak
tam
toekomst
volgend jaar
voorjaar
vraag
vriend
werkgever
wijd
winst
zon
beginnen
inpakken
oprapen
slagen
stijgen
vriezen
winnen